Bijles Wiskunde  Natuurkunde  Scheikunde Home Beginnen met bijles Werkwijze Vijf uitgangspunten Tien gedachten... Scholen in Assen Scholen in Groningen Over de docent Locaties en tijden Contact Contact
Ruben Oosterman Telefoon: 0619 867820 info@bijlesrubenoosterman.nl
Wist u dat...
Ik uw zoon of dochter kan helpen exacte vakken leuker te vinden?

Tien gedachten die jou als leerling kunnen belemmeren

bij exacte vakken: meer info

Ik heb geen idee wat ik aan de stof heb Omdat Wiskunde best wel abstract is hebben veel mensen geen idee wat ze er nou eigenlijk mee kunnen. Ook bij Natuurkunde en Scheikunde vragen veel leerlingen zich af waar ze de (weliswaar sneller toepasbare) stof voor nodig gaan hebben. En bij de toepassingen die je in je boek kunt vinden, vraag je je al snel af wanneer je die ooit in je leven gaat gebruiken. Bij de bijlessen komen voorbeelden aan bod die voor leerlingen wel toepasbaar zijn. Tegelijkertijd leer je de stof begrijpen die je daar voor nodig hebt. Op deze manier sla je twee vliegen in één klap: je leert de stof te begrijpen, en weet tegelijkertijd waar je de stof voor zou kunnen gebruiken, of waar deze misschien toegepast zou kunnen worden. Exacte vakken kunnen namelijk bijna overal worden toegepast en dat ligt vaak dichter bij jezelf dan je denkt! Ik snap al die formules niet Formuletaal is nou eenmaal iets raars: je ziet niet gelijk wat er mee wordt bedoeld, en door al die rare tekentjes zie je op een gegeven moment door de bomen het bos niet meer. De grap is dat je alle wiskundetaal kunt vertalen naar gewone taal: alle letters, getallen en tekens stellen namelijk iets voor. Dus als je weet wat al die symbolen bij elkaar betekenen, weet je dus wat de hele formule betekent. De vraag is: als je alle wiskundetaal als gewone taal kunt schrijven, waarom staat het dan nog steeds op zo'n ingewikkelde manier. Het antwoord is simpel: wiskundigen zijn lui. Ze gebruiken het liefst zo weinig mogelijk letters om duidelijk te maken wat ze aan het doen zijn. Doordat deze tekens vaak nogal uit te lucht komen vallen, hebben veel mensen het idee dat deze tekens ook volstrekt onbegrijpelijk zijn. Maar zolang je weet wat ze betekenen, en waarvoor je ze kan gebruiken, is er dus niets aan de hand. Het gaat allemaal veel te snel Je hebt nog maar net je laatste proefwerk met moeite gehaald en je moet die stof al gelijk weer voor een nieuw hoofdstuk gebruiken, met nog veel meer dingen er bij. Het vervelende aan Wiskunde is dat een groot deel van de stof later weer terug komt, ook als je die nog niet onder de knie hebt. Ook al ging je laatste toets wat minder, je leraar gaat er van uit dat je dat onderwerp de volgende keer wel gelijk snapt. Wat toch eigenlijk best wel raar is… Tijdens de bijlessen ga ik niet uit van wat je nog niet weet, maar van wat je al wel weet. Hierdoor gaan we stap voor stap vooruit, zonder dat je in één keer hele grote sprongen vooruit hoeft te maken. Zie het als een trap die je beklimt en steeds een trede omhoog stapt in plaats van dat je er in één keer drie moet overslaan. Als je op deze manier doorstapt kom je namelijk vanzelf bij de top. Ik denk dat ik er niks van kan Er zijn maar weinig mensen die exacte vakken écht niet kunnen. De meeste mensen denken alleen dat ze het niet kunnen omdat ze tegenvallende cijfers hebben gehaald, of omdat ze geen goedkeuring van hun docent krijgen. Ook lijkt wiskunde al snel veel te abstract omdat je geen idee hebt hoe je het moet gebruiken of waar je het überhaupt voor kunt gebruiken. Wat vaak aan de hand is, is dat je zelf geen idee hebt hoeveel je zelf eigenlijk al van een bepaald onderwerp weet. Door de bijlessen komt die kennis naar boven, en ga je inzien dat je het eigenlijk wél kan, terwijl je je daar zelf niet van bewust was. Misschien heb je dat nog nooit van iemand anders te horen gekregen. Op deze manier win je bij jezelf het vertrouwen terug en kun je zelf verder werken richting een hoger cijfer op exacte vakken. Ik denk van mezelf dat ik niet goed kan rekenen De grap is dat je dat ook helemaal niet hoeft te kunnen om Wiskunde te begrijpen, daar hebben ze namelijk rekenmachines voor uitgevonden. Het gaat er om dat je weet op welke manier je iets uitrekent, maar het uitrekenen zelf hoef je echt niet allemaal zelf te doen. Het is wel handig als je het kunt, en misschien werkt het zelfs wel in je voordeel, maar het is absoluut niet noodzakelijk. Het vervelende is dat sinds een aantal jaar weer verplichte toetsen voor rekenen zijn ingevoerd, en dus van je wordt verwacht dat je toch kunt rekenen. Gelukkig staan deze rekentoetsen los van de normale exacte vakken, en heb je deze vaardigheden uiteindelijk niet nodig om de stof van Wis-, Natuur- en Scheikunde te kunnen doorgronden. Bij sommige onderdelen kunnen de rekenvaardigheden je wel verder helpen, maar in principe zou je ook zonder deze kennis verder moeten kunnen komen bij exacte vakken. Mijn leraar kan niks uitleggen De belangrijkste reden waarom veel mensen stranden op Wiskunde, Natuurkunde en Scheikunde is dat ze geen docent hebben die de stof helder kan uitleggen. De docent is zelf ontzettend goed verdiept in de stof en weet zelf uitstekend hoe alles in elkaar steekt, maar heeft vaak geen gelegenheid om dit aan leerlingen moet overbrengen. En voor de vele vragen die leerlingen stellen heeft de docent tijdens de les over het algemeen geen tijd. Je kunt je afvragen of leerlingen zelf niet in staat zouden moeten zijn om zichzelf de stof eigen te maken. Het antwoord is simpel: nee. Er zijn leerlingen die zichzelf geheel zelfstandig de stof eigen kunnen maken en alle vaardigheden kunnen aanleren, maar de meeste leerlingen hebben daar toch echt een docent voor nodig die de stof beeldend maakt en stap voor stap alle tips en trucs bijbrengt. Dit is precies wat er tijdens de bijlessen gebeurt: als leerling krijg je een gestructureerde uitleg en tegelijkertijd zie je alle details en valkuilen, zodat je als leerling het gevoel hebt dat je een duidelijk verhaal aangereikt hebt gekregen. Mijn leraar helpt me nergens mee De docent op school wil jou als leerling natuurlijk graag op weg helpen, maar vaak zitten er nog dertig andere leerlingen in het klaslokaal die hetzelfde van de docent verwachten. De docent moet zijn of haar aandacht dus goed verdelen over alle leerlingen die hij of zij in de klas heeft zitten, wat niet altijd goed lukt. Het gevolg is dat je als individuele leerling maar weinig aandacht krijgt van je docent, en daardoor niet verder komt met de stof, maar het ergste is nog dat je je in de steek gelaten voelt door je docent. Tijdens de bijlessen heb je het grote voordeel dat de docent alle aandacht voor je heeft: jij bent de enige die op dat moment les heeft en daar kun je optimaal gebruik van maken. De docent pas zijn uitleg compleet op jou aan en je kunt vragen wat je wil. Je hebt het gevoel dat iemand je op weg helpt en dat er een docent is van wie je op aan kunt. Mijn leraar begrijpt me niet Docenten hebben zelf jarenlang gestudeerd en zitten zelf dus helemaal in de stof. Dit houdt in dat ze er op een andere manier naar kunnen kijken dan jij, en is het voor docenten ook een hele opgave om zich in alle afzonderlijke leerlingen te verplaatsen. Wat voor een docent de normaalste zaak van de wereld is, is voor jou misschien een hoop gegoochel met cijfers en letters, maar iedereen in de klas kijkt er weer op een andere manier tegen aan. Lastig... Met bijles krijg je les van een docent die meteen begrijpt hoe jij tegen de situatie aankijkt. Met behulp van beeldende voorbeelden zorgt deze docent er voor dat de stof aansluit bij hoe je de vakken zelf ervaart, en op welke manier de stof bij je overkomt. Op deze manier weet je dat er een docent is die je wel begrijpt, en je dus vanuit jouw beleving verder kan helpen. Ik weet niet wat ik moet doen Je begrijpt eindelijk wat de formules betekenen, maar dan heb je nog geen idee hoe je de som moet oplossen. Soms ligt de oplossing voor de hand, maar vaak zijn er zoveel stappen die je moet doen dat je al snel het spoor bijster bent. Ook kan het zijn dat je wel weet wát je moet doen, maar niet waarom je dat op die manier zo moet aanpakken. Tijdens de bijlessen komen bij de stof heel wat stappenplannen naar voren, waardoor je al snel leert welke stappen je moet maken om tot je antwoord te komen. Eerst wordt aan je uitgelegd waarom dingen zo zijn, en van daaruit komen de stappenplannen naar voren. Zo leer je dus niet allen wat je moet doen, maar ook waarom je die stappen moet maken. Exacte vakken zijn alleen voor hele slimme mensen Omdat veel mensen Wis-, Natuur en Scheikunde zo moeilijk vinden lijkt het alsof het alleen maar is weggelegd voor de Einsteins onder ons. Het grappige is dat de hele moeilijke wiskunde waar je mensen vaak over hoort helemaal niet nodig hebt: je kunt het namelijk zo moeilijk maken als je zelf wil. In principe begint het al op de basisschool: zelfs in de kleuterklas komen er voorbeelden aan bod waar kinderen al dingen moeten uitrekenen. Iedereen is slim genoeg voor wiskunde, dus dat heeft niets te maken met dat mensen wiskunde moeilijk vinden. En als je alles hierboven al hebt gelezen, weet je nu dus dat dat aan hele andere dingen kan liggen.
naar boven Ruben Oosterman Facebook